Dieren, Fotografie, Natuur

De charmes van Schier

Mijn man en ik hebben allebei twee weken vakantie. En omdat we al zoveel thuis zitten wilden we er toch even tussenuit. Even een andere omgeving, en even lekker van de natuur genieten. Er was ook nog eens heerlijk zonnig weer voorspelt. “Misschien een dagje Schiermonnikoog?” Ik was daar al erg lang niet geweest. “Is goed, maar dan wel met een overnachting.” “Oké deal!” Zo gezegd, zo gedaan, hotel geboekt en gaan!

Dag 1

’s Ochtends vertrokken we vroeg van huis, met eerst een mooie toer door het Drentse landschap. Nog even in gedachten de laatste check: heb ik mijn sjaal meegenomen, heb ik de kaartjes voor de boot, en had jij de waterflesjes nog gevuld? Oké, dan kunnen we nu onze volle gedachten uitzetten en ontstressen. Op de boot heerlijk op het buitendek zitten, het echte vakantiegevoel is begonnen. Gezicht in de zon en neus in de wind. Vanaf Lauwersoog kan je al meteen Schiermonnikoog zien liggen. We hadden onze eigen fietsen meegenomen, dus direct na het aanmeren konden we meteen het eiland op, terwijl de rest van de passagiers in de rij voor de fietsenverhuur aansloot. Wegwezen van die mensenmassa en hop, met de wind in de rug, op de fiets naar het dorp. Onze eerste missie: een plattegrond scoren.

Gelukkig was dit snel geregeld bij de eerste de beste winkel die we tegenkwamen. Zodra we de plattegrond hadden gingen we op pad. Een beetje die kant op en dan ergens richting het westen zien we wel weer. Nog voordat we goed en wel een route hadden uitgezocht, was het vogelspotten al lang en breed begonnen. We horen en zien vaak van alles en soms herkent mijn man nog beter de vogels dan ik. Terwijl ik altijd met mijn natuureducatie achtergrond word aangekeken; “Nou, Annemiek, wat voor dier is dat?” Reageer ik terug: “Jij hebt de verrekijker om je nek!” Ik krijg een beschrijving door; een gans met een zwarte nek en een witte kop. “Brandgans!”

Nog maar half onderweg, zonder bestemming, zaten we dus al volop in de vogelspot-modus. “Oh kijk; scholekster, rotgans, bergeend, fuut, eidereend.” En op de Wadden leven ontzettend veel vogels! Het fietsen schoot dan ook niet op, omdat we om de 100 meter alweer stilstonden om vogels te bekijken en te fotograferen. Maar hé, we hebben vakantie!

Tussendoor het fietsen moesten we natuurlijk wel even een bezoek brengen aan het strand. En wat voor strand. Op bepaalde stukken zijn de stranden van Schiermonnikoog ein-de-loos breed. Je zegt hier niet zo snel: “Zullen we even naar de branding lopen?” Halverwege onze eigen poging zijn we dan ook maar omgekeerd. We wilden nog meer doen vandaag. Maar het is heerlijk om daar te lopen en het idee te hebben dat je even alleen op de wereld bent. Overal om je heen zie je alleen maar zand en een strakblauwe lucht.

Eind van de dag hadden we allebei al een flink verwaaid hoofd en behoorlijk de zon in ons gezicht. We kochten wat lekkere biertjes en rusten even lekker uit op een bankje in de zon. Bijna alsof we op een terrasje zaten. De avond duurde bij ons dan ook niet lang. Eten op onze hotelkamer, lekker in bad, en plat op bed. Morgen weer een dag.

Dag 2

De volgende dag wilde mijn man heel graag naar het meest oostelijk puntje van het eiland wandelen. Ik weet nog steeds niet waarom hij dat perse wilde (is dat een mannending?), maar ik kon hem niet ompraten. Ik stond er eerlijk gezegd niet om te springen. Want ik wist: dat is wel heel erg ver lopen! En dan moet je ook nog terug… En ik had zo mijn twijfels of je daar wel kon komen tijdens het broedseizoen, aangezien dan grote delen van het eiland zijn afgesloten voor de vogels. Je kan natuurlijk wel gewoon 20 km over het strand lopen, maar ik heb liever een mooie afwisselende wandeling. Maar goed, eerst maar eens met de fiets zo ver mogelijk naar het oosten, om vervolgens te kijken of we door de kwelder verder konden lopen.

Het fijne van op tijd op pad gaan, is dat het even voelt alsof je het eiland voor z’n twee hebt. De meeste ‘dagjestoeristen’ zoals wij ze noemde, komen rond half 11 aan met de boot, dus daarvoor is het overal nog heerlijk rustig en stil. De natuur is natuurlijk al wel volop wakker, maar toeristen zijn nog even schaars. Genieten van de rust dus, en alleen maar vogelgeluiden, wind en zee horen. Zelf ga je dan ook vanzelf fluisteren.

Eenmaal aangekomen bij de Kobbeduinen, werd al snel duidelijk: het kweldergebied is gesloten. Geen toegang. Ik had al zo’n vermoeden. Dus helaas, een ander plan bedenken. We liepen een klein rondje door de duinen, en ja hoor: de ‘dagjestoeristen’ waren gearriveerd. Het werd ineens heel erg druk met fietsers en wandelaars! Geef ze eens ongelijk, wij lopen daar net zo hard de toerist uit te hangen. Toch zochten we een andere wandeling op die verwijderd was van de toeristische stranden en plekken. Dan houden wij toch wel van de rust en ruimte.

De route liep eerst door de duinen en daarna over het strand terug. Ik had even het idee dat we toch in een verboden broedgebied liepen. Nergens mensen te zien, alleen een drassig wandelpad, maar we hebben nergens gezien dat je hier niet mocht lopen… Uiteindelijk zagen we wel mensen lopen. Statief, mega-verrekijker en een fototoestel met lenzen van een meter lang; dat moesten wel professionele vogelaars zijn. We hebben even gepauzeerd en liepen daarna het stuk terug over het strand. Na een lang stuk tegen de wind in lopen zat de vermoeidheid er al best snel in. Dus terug naar het hotel, uitrusten en eten bestellen, want ik wilde ’s avonds nog op het stand kijken naar de zonsondergang.

Maar hoe blauw en strak de lucht overdag was, zo’n grote dikke wolk zat er ineens ’s avonds voor de zon. Zo jammer… De oranje/roze lucht wilde er nog een beetje doorheen schijnen, maar helaas konden we niet de zon in de zee zien zakken. We waren bewapend met een kleedje, een drankje en een camera, maar we hebben niet lang bij het strand gezeten. Want zodra de zon weg was, was het toch behoorlijk koud. Dus lekker vroeg naar bed en uitrusten voor de dag van morgen.

Dag 3

De derde en laatste dag hadden we besloten iets rustiger aan te doen. Eind van de dag gingen we pas met de boot terug en we hadden de dagen ervoor al flink veel gezien, gefietst en gelopen. De volgende dag was er regen voorspeld, dus nog maar even van de zon genieten zolang het kan. In de ochtend liepen we eerst nog een kleine wandeling, om nog even zonder ‘dagjestoeristen’ te genieten. Bovenop een duin vonden we een prachtig uitzicht over een vlakte waar het zo mooi en stil was. We konden daar wel uren blijven kijken.

Rond de klok van half 11/11 uur, wist je meteen hoe laat het was. Want de drukte met fietsers en wandelaars nam weer toe. Voor ons dus tijd om verder te gaan. We hadden ons leesboek meegenomen en zochten een lekker duinpannetje op waar we uit de wind konden zitten, en heerlijk opwarmen in de zon. Even een paar uurtjes relaxen.

Toen was het helaas alweer tijd om terug naar de boot te fietsen. Ik krijg gewoon nooit genoeg van zo’n heerlijk eiland. Het was laag water dus we besloten langs de dijk te fietsen, want ik wist: daar zijn vaak veel wadvogels te zien (en misschien een zeehond?). Nog een laatste blik op de mooie natuur. En met de tong op de schoenen (we moesten tegen een behoorlijk harde wind in fietsen), sloten we aan in de rij van de boot. De vermoeidheid zat er goed in van de afgelopen dagen. Maar we hebben genoten, en zo’n beetje het hele eiland wel rondgefietst. Dag Schier, tot een volgende keer!

Ik las dat alleen toeristen Schiermonnikoog, ‘Schier’, noemen. Het klinkt als toerist zijnde “lekker vertrouwt”, maar de echte eilandbewoners noemen het eiland altijd bij de volledige naam. Zij kunnen dus altijd direct horen of iemand een eilander of toerist is.

Een gedachte over “De charmes van Schier”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s